Home ActueelOpiniestukken Noodhulp is te vaak alleen maar pleisters plakken

Noodhulp is te vaak alleen maar pleisters plakken

  • 11 februari 2015

De humanitaire sector is traag en bureaucratisch. Laat lokale organisaties het voortouw nemen, betogen Farah Karimi en Seng Raw.

Dit opiniestuk is 11 februari 2015 gepubliceerd in NRC Handelsblad.

Dertien hulporganisaties organiseren morgen de Nederlandse Humanitaire Top. Doel is om 'betere noodhulp bij toekomstige crises te kunnen bieden' en aanbevelingen te formuleren voor de World Humanitarian Summit in 2016. Wil die top echt succesvol zijn, dan moeten alle spelers in de humanitaire sector zichzelf een spiegel voorhouden. Chronische rampen, toenemende onveiligheid en complexe politieke situaties dwingen ons tot een drastische herziening van onze humanitaire aanpak. Lokale organisaties en overheden die nu vaak een marginale rol vervullen, moeten straks eigenlijk de grootste spelers in het humanitaire veld worden.

Meer dan 51 miljoen mensen

De urgentie van de top mag duidelijk zijn. Verschrikkingen in Irak en Syrie, bombardementen op de Gazastrook, conflicten in Zuid-Soedan en de Centraal-Afrikaanse Republiek, natuurrampen en de ebolacrisis leidden tot grote vluchtelingstromen en humanitaire noden. In veel landen verslechterde de veiligheidssituatie, het aantal vluchtelingen en ontheemden blijft stijgen. Eind 2013 waren voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog al meer dan 51 miljoen mensen van huis en haard verdreven.
Tegelijkertijd besteden we meer geld dan ooit aan noodhulp. De humanitaire hulp steeg in 2013 met 27 procent, zo'n 22 miljard dollar. Het Nederlandse kabinet stelde afgelopen jaar 570 miljoen euro extra beschikbaar voor noodhulp tot en met 2017. De behoefte aan humanitaire hulp groeit echter in een nog sneller tempo. Het huidige noodhulpsysteem, geregisseerd en uitgevoerd door de Verenigde Naties en internationale organisaties (ingo's), kan nu al niet tegemoet komen aan de dringende vraag naar hulp. Laat staan dat het voorbereid is op een toekomst met nog meer natuurrampen en complexe man made crises.

'Pleisters plakken'

De humanitaire sector reageert te traag en bureaucratisch op aangekondigde rampen of rampen die te voorzien zijn. Noodhulp is vaak niet meer dan 'pleisters plakken'. Bovendien wordt de rol van lokale instellingen in effectievere humanitaire hulp stelselmatig onderbelicht. En dat terwijl er veel meer levens gered kunnen worden als lokale humanitaire organisaties en overheden het voortouw nemen.

Zo liet de Filippijnse overheid eind vorig jaar zien dat het lessen had geleerd van de ongekende impact van tyfoon Haiyan. Toen de tyfoon Hagupit het land naderde, zette deze overheid een massale evacuatie op touw en bereidde alle gemeenschappen voor op de tyfoon. Wat het belang kan zijn van een sterk gewortelde lokale organisatie liet Metta zien in Myanmar. Metta is de grootste maatschappelijke organisatie aldaar en werkt al jaren samen met Oxfam Novib. Nadat de tsunami Myanmar trof, stimuleerde Metta de bevolking zich te verenigen in dorpscomites. Toen de orkaan Nargis Myanmar in 2008 trof, konden de comites snel in kaart brengen welke hulp waar nodig was en wat de behoeften waren van kwetsbare groepen als kinderen, alleenstaande moeders, gehandicapten en bejaarden. Terwijl buitenlandse organisaties aanvankelijk door de overheid buiten de deur werden gehouden, kwam de hulpverlening goed op gang.

Alternatief model is nodig

Dit illustreert eens te meer waarom we een alternatief model nodig hebben. Lokale organisaties kennen de context en kunnen daardoor snel en effectief handelen. Ze staan het dichtst bij lokale gemeenschappen en weten goed wat voor soort hulp er geboden moet worden. Het ontbreekt ze echter vaak aan macht en middelen. In 2012 ging slechts 0,1 procent van de humanitaire hulp rechtstreeks naar de lokale en nationale ngo's in de door crisis getroffen landen. Slechts 0,3 procent ging rechtstreeks naar overheden in deze landen.

Pleiten voor hervorming

Nederland behoort tot de top 10 van noodhulpdonoren en heeft dus aardig wat in te brengen bij de humanitaire wereldtop volgend jaar. Het is onze taak om voor een hervorming te pleiten, waarbij we erkennen dat lokale actoren passende oplossingen kunnen bieden. Hervorming zou een nieuwe rol voor internationale organisaties als Oxfam betekenen. In die rol zullen we ervoor zorgen dat lokale organisaties de macht en de ruimte krijgen om operaties uit te voeren en te leiden.

Het succes van noodhulp bepalen we nu vaak op basis van het aantal mensen dat we van water, voedsel en onderdak voorzien. In de toekomst moeten we ook kijken hoe succesvol we zijn in het voorkomen van slachtoffers bij rampen en crises. Daarvoor moeten we lokale instellingen de ruimte geven om de leiding te nemen, zowel bij preventie als bij het optreden na een ramp of crisis. Om dat te bereiken zou de internationale gemeenschap de investeringen in lokale capaciteit (nog geen 1 procent nu) snel moeten verhogen. 

Internationale hulp zal bij extreme rampen en crises altijd nodig blijven, maar zal meer ondersteunend en aanvullend moeten zijn aan wat lokale overheden en organisaties ter plekke kunnen doen.

Farah Karimi, algemeen directeur Oxfam Novib
Seng Raw, oprichter van Metta, Myanmar

Bron: Oxfam Novib, 11 februari 2015