Terwijl wereldwijd veel mensen geld tekortkomen, heeft een klein clubje veel meer geld dan ze nodig hebben. En met dat geld komt macht en invloed. Zo kunnen de grootste bedrijven en de rijkste mensen de belastingregels in hun voordeel beïnvloeden.
Zo wordt inkomen uit vermogen minder zwaar belast dan inkomen uit arbeid. In andere woorden: rijk zijn loont meer dan werken. Het is oneerlijk dat miljonairs maar zo’n 20 tot 30% belasting betalen, terwijl de gemiddelde burger meer dan 40% afdraagt aan de belastingdienst. Ook grote bedrijven hebben het goed bekeken. De afgelopen decennia is het belastingtarief voor bedrijven steeds lager geworden: van 50% in 1980 tot momenteel zo’n 26%.
Daarnaast geldt er een laag belastingtarief van maximaal 20% voor miljoenenerfenissen aan directe erfgenamen. Zo geeft dat kleine clubje superrijken hun rijkdom generatie op generatie door. En tot slot hebben de superrijken en grote multinationals geld genoeg om slimme adviseurs in te huren die gebruik maken van allerlei ingewikkelde constructies om minder of geen belasting te betalen. Een van de landen die belastingontwijking mogelijk maakt, is Nederland.
Kortom: het huidige belastingsysteem werkt vooral heel goed voor een kleine groep rijke mensen en bedrijven en benadeelt de rest van de wereld. Zo vergroot het belastingsysteem ongelijkheid.