Virginia Obianyo strijdt voor eerlijke belastingen
Belasting betalen: leuk is het niet, maar we weten waarvoor we het doen. Met ons belastinggeld kan de overheid zorgen voor scholen, openbaar vervoer en ziekenhuizen. Maar wat als een overheid dat niet doet, zoals in Nigeria? Dan komen vrouwen als Virginia en Ebere in actie.

Nigeriaanse marktvrouwen kunnen alleen maar dromen van goede publieke voorzieningen. Openbaar vervoer? Zij lopen naar de markt met hun handelswaar. Goede infrastructuur? Hun slecht onderhouden winkeltjes staan aan vieze straten vol kuilen, die bij een flinke regenbui direct onderlopen. Toch betalen ze relatief veel meer belasting dan rijke Nigerianen (vaak mannen) en multinationals.
Virginia Obianyo is een van de vrouwen die dit niet langer pikt. Zij sloot zich aan bij het platform voor eerlijke belastingen in haar staat Enugu; Oxfam en haar partner CISLAC hebben deze succesvolle platforms in alle 17 staten van Nigeria opgericht. Daar leerde Virginia hoe het complexe Nigeriaanse belastingsysteem in elkaar zit. Ze las in Oxfam-onderzoeken hoe mensen in de informele sector – marktvrouwen, schoonmakers, naaisters, elektronicaverkopers en vele anderen – de dupe zijn van dit systeem. Terwijl zij de kurk zijn waarop de economie drijft: zeker 80% van alle economische activiteiten in Nigeria vindt plaats in de informele sector.
Illegale belastinginners
‘Belastingen lijken heel ingewikkeld’, zegt Virginia, inmiddels activiste bij CISLAC. ‘Maar het komt er simpelweg op neer dat een overheid geld ophaalt en herverdeelt. Zodat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen en we samen genieten van goede voorzieningen.’ Virginia leerde dat je als burger het recht hebt om je overheid daarop aan te spreken. Dat inzicht gebruikt ze nu om samen met marktvrouwen in Nkanu West, in de staat Enugu, eerlijker belastingen te eisen.
Virginia en haar collega-activisten spraken uitvoerig met talloze marktvrouwen. Elke keer kreeg ze te horen: ‘Waarom zouden we belasting betalen? We zien er nooit iets voor terug.’ En gelijk hebben ze, dacht Virginia als ze om zich heen keek naar de slecht onderhouden stalletjes en ondergelopen straten. ‘Lekker voor de klanten’, mopperden de vrouwen. ‘We hebben hier niet eens een wc. Toch moeten we elke dag weer geld afdragen aan belastinginners.’
De verhalen over deze mannen die, vaak in opdracht van de gemeente maar soms ook illegaal, belasting innen op de markt, schokten Virginia. ‘Elke dag komen hier vijf verschillende groepen belastinginners langs’, vertelt een marktverkoopster. ‘Ze vragen allemaal weer een ander bedrag. En als je niet betaalt, pakken ze je spullen af of maken ze vies en kapot, zodat je ze niet meer kunt verkopen. De kinderen zijn doodsbang voor ze, want ze bedreigen en slaan ons als we protesteren. Laatst is hier nog een zwangere vrouw mishandeld en een kind in het ziekenhuis beland door die criminelen.’
Naar een bonnetje of ontvangstbevestiging kunnen de marktverkopers sowieso fluiten. Overheden en belastinginners verzinnen de meest uiteenlopende belastingen. ’s Morgens vroeg moeten verkopers betalen om hun waren te mogen uitstallen. In de loop van de dag komen daar onder meer beveiligingsbelasting, ontwikkelingsbelasting en schoonmaakbelasting bij. De eindeloze lijst belastingen drukt loodzwaar op de schouders van de toch al arme marktverkopers.

Virginia komt in actie
Virginia wist genoeg. Ze stapte naar de gemeente en vroeg waarom ze de belastinginners niet beter controleerde. En waarom de marktvrouwen helemaal niet profiteerden van de belasting die ze betaalden. Na vele gesprekken met ambtenaren en politici wisten Virginia en de marktvrouwen de gemeente ervan te overtuigen dat ze de standaardovereenkomst moesten tekenen die Oxfam en CISLAC hadden opgesteld: de Eerlijke Belastingovereenkomst. De gemeente belooft daarin om jaarlijks 20% van het belastinggeld te besteden aan voorzieningen voor de mensen die deze belastingen betalen. Zo’n overeenkomst is inmiddels op tal van plaatsen in Nigeria getekend.
‘Nu heeft de gemeente in beide markten van Nkanu West toiletten laten bouwen. We hebben water en de afvalophaling is goed geregeld. En heel belangrijk: marktverkopers storten hun belasting op een speciale overheidsrekening én ontvangen daar een betaalbewijs voor. Zo krijgen illegale belastinginners geen kans meer. Daar hebben we hard voor geknokt, maar het is gelukt en daar zijn we trots op. Je ziet hoe een beetje ondersteuning van buitenaf, zoals nu van Oxfam en CISLAC, net dat zetje geeft waardoor marktvrouwen zelf hun situatie kunnen verbeteren. Want reken maar dat zij de gemeente nu aan haar afspraken houden. Die vrouwen laten zich de kaas niet meer van het brood eten!’
In Nigeria vecht Oxfam al jaren samen met activisten voor eerlijker belastingen in hun land. ‘Multinationals als Shell betalen hier niet of nauwelijks belasting’, zegt Henry Ushie van Oxfam in Nigeria. ‘Terwijl hun fourwheeldrives over onze wegen rijden, hun kinderen hier studeren en ze ons internet gebruiken, om maar een paar voorbeelden te noemen. Hardwerkende marktvrouwen dragen soms meer dan de helft van hun toch al karige inkomen af aan de fiscus. Maar hún wegen zijn onverhard en zitten vol kuilen. Hun kinderen krijgen slecht onderwijs in half afgebouwde scholen.’

Actievoeren werkt!
Virginia (links) van onze Nigeriaanse partnerorganisatie CISLAC monitort regionale begrotingen. Deze brug was wel begroot, maar nooit gebouwd. Dat veranderde na lokale actie.
Belastingen zijn niet neutraal
De mythe dat belastingen genderneutraal zijn, kan wat Henry betreft gerust bij het oud vuil. ‘Vrouwen worden buitensporig geraakt door belastingverhogingen, vooral als het gaat om btw op basisproducten. Sowieso is ons huidige economische model nadelig voor vrouwen. Zij krijgen het leeuwendeel van de laagbetaalde banen, waar ze ook nog eens zó uitgeschopt kunnen worden, en houden onze economie in stand door de meeste zorgtaken voor hun rekening te nemen. Onbetaald. Dan heb je minder tijd om geld te verdienen. Je ziet het bij de marktvrouwen: zij kunnen minder investeren in voorraden of apparatuur. Maar ze moeten wel evenveel belasting betalen als hun mannelijke collega’s met volle schappen en de nieuwste machines. Ons belastingsysteem zit vol met dit soort oneerlijkheden.’
‘Gelukkig vinden we op alle niveaus mensen die dit inzien. Ook de belastingdienst snapt dat je mensen moet stimuleren om belasting te betalen. Als je dat niet doet, en wél belastingvoordelen geeft aan grote bedrijven, vraag je erom dat mensen belasting ontwijken. De overheid zou echt veel meer geld kunnen ophalen als ze haar burgers daar goede voorzieningen voor teruggeeft. Daarom trainen Oxfam en CISLAC ook ambtenaren. En we ondersteunen activisten in de eerlijke belastingplatforms die talloze andere burgers te informeren én activeren. Bijvoorbeeld via goed beluisterde radioprogramma’s en sociale media, maar ook door de markt op te gaan, zoals in Nkanu West. Als zij horen dat belastinginners mensen afpersen, onthullen ze dat op de radio.’
De strategie van Oxfam en activisten om het belastingbeleid vanaf twee kanten te beïnvloeden – bij de overheid en de burgers – werpt haar vruchten af. Burgers bemoeien zich vaker met het belastingbeleid, zowel lokaal als nationaal. ‘De eerlijke belastingplatforms doen echt heel goed werk. Zij pleiten bij overheden voor eerlijke belastingovereenkomsten of zorgen ervoor dat een beloofde school echt gebouwd wordt. En ze eisen dat grote bedrijven hoger belast worden. Ook kunnen burgers in sommige staten nu hun belastinggeld direct aan de belastingdienst afdragen in plaats van aan belastinginners.’

Ebere controleert de gemeente
Ebere Chikezie komt op voor burgers die onheus behandeld zijn door hun overheid. Een activist in toga, noemt ze zichzelf. Hoewel ze is opgeleid als jurist, waren de trainingssessies van haar ‘budgetmonitoring-groep’ een ware eyeopener. ‘Ik leerde hoe aanbestedingen in zijn werk gaan, hoe je een overheidsbudget kunt begrijpen, hoe je de uitgaven kunt controleren en waaraan je illegale geldstromen kunt herkennen. En nog veel meer! Daar moest ik iets mee doen, vond ik.’
Dus vroeg Ebere de gemeentebegroting op. Daarin zag ze tot haar verbazing staan dat het vervallen gezondheidscentrum in haar dorp opgeknapt zou worden. Maar dat geld was daar nooit voor gebruikt. Schandalig, vond Ebere. ‘Vrouwen moeten nu ver reizen om te bevallen, omdat het hier zo vies is en er geen dokters zijn.’ Ebere stapte met de begroting onder haar arm naar haar gemeente. Ze hield net zolang vol tot de gemeente drie maanden later het gezondheidscentrum helemaal renoveerde. ‘Het was als een droom!’, roept Ebere. ‘Ik kon niet geloven dat een gewone burger als ik, zonder enige politieke invloed, dit voor elkaar kon krijgen. Maar het kán. Nu gaan we door. Er valt nog zoveel te doen!’